Gonny Vink | 18 augustus, 2016

Over pieken en middagdutjes

We leven in een tijd waarin er veel van ons gevraagd wordt: niet alleen op het werk, maar ook daarbuiten. Technologie maakt veel mogelijk, maar er zijn ook grenzen. Niet aan die technologie, lijkt het wel. Maar er zitten wel grenzenaan wat werkt voor ons!

topsport
Altijd maar bereikbaar moeten zijn, altijd je mobiel aan, en ook zelf continu ‘aan’, is dat echt wel nodig? Hoe deden we dat dan zo’n 5 jaar geleden? Ik las een mooi artikel van Pieter van den Hoogenband waarin hij aangeeft dat een middagdutje wonderen doet voor een topsporter. Dat geldt natuurlijk niet alleen voor een topsporter, want doen we niet allemaal dagelijks aan topsport op onze eigen manier?

pieken
Als je wilt pieken, moet je daarnaast ook ontspannen en je rust pakken. Maar kunnen we dat eigenlijk wel? Is het niet veel gemakkelijker om continu door te hollen van het een naar het ander. Ik merk het zelf in elk geval. Als het druk is en ik heb een volle agenda, dan zit ik  in een soort flow: lekker bezig, langer doorgaan en dat geeft op dat moment ook veel energie en voldoening. Maar er zijn steeds meer signalen  dat het niet slim is om dat altijd te doen. Het gaat niet zozeer om harder te werken en daar ook nog eens trots op te zijn, maar vooral over slimmer werken en een goede balans vinden. Want vandaag lukt het wel, maar morgen en overmorgen wil je het natuurlijk ook gewoon allemaal kunnen volhouden.

Niet méér, maar slimmer werken
Dat betekent voor mij:  zorgen voor momenten van rust en ontspanning. Om te kunnen dagdromen, te reflecteren, vooruit te kijken, of gewoon even niets te doen. Doordat wij, net als veel bedrijven, ‘nieuw’ georganiseerd zijn, kan dat ook. Gelukkig. Toch hoor ik vaak hoe lastig mensen het vinden om even wat minder te doen – doordat er ruimte in de agenda is – en hoe dat dan weer stress geeft. Ze voelen zich schuldig, maar ik hoor heteigenlijk nooit andersom.

Piek wanneer dat nodig is, en pak je rust op het moment dat het kan. Het nieuwe werken gaat niet om meer werken, maar juist om slim je werk organiseren en het vinden van een gezond evenwicht.